Brainstormsessie

Brainstormsessie

 

Herkent u dat: er wordt een brainstorm aangekondigd en iedereen begint te zuchten. “O nee hè, een brainstorm.” Wat is er mis? Er is geen vertrouwen dat de brainstorm iets oplevert, omdat eerdere brainstormsessies niet werkten. Men ervaart het als tijdverspilling. Zonde, omdat een goede brainstorm juist inspirerend werkt, energie geeft ideeën oplevert.

Daarom hier een overzicht van acht vaak gemaakte fouten en hoe u die kunt voorkomen.

1. Onduidelijk doel.

Vaak is er te weinig nagedacht over de vraagstelling en brainstormt men over de verkeerde vraag. Men heeft niet de kern van het probleem te pakken, maar een randvoorwaarde. Bijvoorbeeld; “Hoe komen we aan meer klanten?” in plaats van “”Hoe maken we weer winst?” Gevolg: na verloop van tijd speelt de kern van het probleem weer op en raakt iedereen gefrustreerd. “Want we hadden er toch over gesproken!” Dus check de vraag, voordat u een brainstorm begint: heb ik de kern te pakken?

2. Iets willen beïnvloeden waar je geen invloed op hebt.

Bijvoorbeeld u maakt met de afdeling een plan, maar de financieel directeur geeft geen toestemming voor nieuwe investeringen. Gevolg is: de oplossing is niet toepasbaar zijn, omdat iemand anders over de uitvoering gaat. Er wordt dus niets is opgelost en er is tijd en energie verloren gegaan. Dat geeft frustraties, een gevoel van machteloosheid en ontevredenheid. Dus check altijd van tevoren of dat waar u met elkaar over praat ook werkelijk uw probleem is en binnen uw invloedssfeer ligt.

3. Meteen pasklare oplossingen willen.

Wie tijdens de brainstorm meteen pasklare oplossingen wil, onderschat de belangrijke functie van een nieuw, nog niet toepasbaar idee. Dit idee kan namelijk leiden tot een volgend idee, en een volgende en daarmee een briljant idee. Wie echter halve ideeën in de kiem smoort, mist een enorm potentieel aan ideeën en krijgt meestal alleen dat wat al bekend is. Er komt geen nieuwe oplossing. Dus sta open voor elk idee.

4. Eindeloos gepraat en geen idee.

Frustrerend toch! Dit ontstaat onder andere als er direct gediscussieerd wordt over de vraag of de toepasbaarheid van ideeën. Dat is echt dodelijk voor een brainstorm: er is geen ruimte voor vrije associatie en nieuwe ideeën. Discussies zijn te vergelijken met direct lopen op een pas ingezaaid grasveld en dan verbaasd zijn dat er niets opkomt. Pas aan het einde van een brainstorm, als er tussen ideeën gekozen moet worden, is er mogelijk ruimte voor discussie.

5. In je eigen denkbox blijven.

Veel mensen worden tijdens een brainstorm niet uitgedaagd om echt iets nieuws te bedenken. Er is alleen een uitwisseling van bestaande ideeën (o saai, want die kennen we al). Dus daag de mensen uit tot nieuwe denkwijzen. Hiervoor zijn vele oefeningen beschikbaar en de Animalcoaches van de creatieve denkmethode Think like a Zebra®.. Er zijn 53 Animalcoaches  die elk symbool staan voor een bepaalde manier van denken. Ik stel u er een paar voor. De bij staat voor multitasken: hij bestuift de bloem en haalt honing op. Als je het aspect multitasken in je probleem betrekt: waar kan je dan aan denken? Aan welk ander probleem kan jouw probleem gekoppeld worden? Heel anders denkt de struisvogel. Die zegt: “Ik stop mijn kop in t zand als er een probleem is. Als je jouw probleem in stukken opdeelt: welk deel kan je dan tijdelijk buiten beschouwing laten en wat gebeurt er dan?”

6. Denkboxen niet helder hebben.

Vaak staan we niet stil bij de manier waarop we denken. We vinden onze eigen manier logisch. Iemand die als focus multitasken heeft, zal steeds nieuwe dingen bij het probleem en oplossingen betrekken, terwijl “de struisvogel” alles juist wil verkleinen. U kunt zich voorstellen dat beide aspecten belangrijk zijn, maar tegelijkertijd zullen ze botsen. Wie herkent niet het “Oh daar heb je hem weer!”- gevoel. Vaak zit iemand dan in een andere denkbox! Als je iedereen in dezelfde denkbox laat denken, door gebruik te maken van de Animalcoaches, ontstaat er minder irritatie. Ervaar het verschil tussen: “Ontwerp een nieuwe tas”  met de papegaai-vraag: “Wat kan humor in het ontwerp betekenen?” Zo gaat iedereen in dezelfde denkbox denken en zult u diverse humorvolle ideeen krijgen.

7. Goede procesbegeleiding ontbreekt

Een goede procesbegeleider herkent en erkent de denkstijlen, en weet precies wanneer in het proces iets wel of niet past. Een brainstorm ondergaat een aantal stadia, die elk hun specifieke kenmerken hebben. Vaak denkt men: vraagstelling, ideeën, keuze welk idee wordt het en de brainstorm is klaar. Maar voor elk stadium zijn randvoorwaarden nodig. Check de juistheid van de vraag, zorg voor veiligheid en uitdaging om ideeën naar buiten te laten komen. Kap te vroege discussies af en weet welke randvoorwaarden er nodig zijn om goede keuzes te maken. Maak zinvol gebruik van denkstijlen en wees inspirerend. Juist door onlogische vragen, komen er logische antwoorden.

8. Resultaten blijven in de la.

Niets zo zonde als een brainstorm waarvan ideeën niet worden opgepakt: mensen zijn voor niets bezig geweest. Dus maakt altijd concreet wat u met de ideeën gaat doen en welke termijnen daaraan gekoppeld worden. En koppel de voortgang terig met uw brainstormgroep. Vier uiteindelijk samen het resultaat.

Een brainstorm kan u heel veel opleveren, mits het principe goed wordt toegepast. Wilt u begeleiding bij een brainstorm, of de principes van creatief denken leren? Kijk op www.thinklikeazebra.nl voor een trainer bij u in de buurt.

Evelien Stadt is gecertificeerd Think like a Zebra trainer in Groningen e.o. www.vanuitjebron.nl

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

  • CONTROLE *